Spaans · naamwoord

el par

het paar

met lidwoordnaamwoorden · set 54

Voorbeeldzinnen

Necesito un par de zapatos nuevos.
Ik heb een paar nieuwe schoenen nodig.
Vuelvo en un par de minutos.
Ik ben over een paar minuten terug.
Compró dos pares de calcetines.
Hij kocht twee paar sokken.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: el par. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud el par voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen el par in ripiti