Duits · naamwoord

der Müll

het afval

met lidwoordnaamwoorden · set 76

Voorbeeldzinnen

Der Müll muss heute raus.
Het afval moet vandaag buiten.
Ich habe den Müll gestern runtergebracht.
Ik heb het afval gisteren naar beneden gebracht.
Wir werden den Müll trennen.
We gaan het afval scheiden.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: der Müll. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud der Müll voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen der Müll in ripiti