Duits · naamwoord

die Schule

de school

met lidwoordnaamwoorden · set 3

Voorbeeldzinnen

Die Schule beginnt morgens um acht Uhr.
De school begint 's ochtends om acht uur.
Ich bin früher gern in die Schule gegangen.
Ik ging vroeger graag naar school.
Mein Sohn wird bald eine neue Schule besuchen.
Mijn zoon gaat binnenkort naar een nieuwe school.

Let op

Het lidwoord hoort erbij: die Schule. Zo leer je het geslacht meteen mee.

Onthoud die Schule voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen die Schule in ripiti