Duits · werkwoord

fragen

vragen (een vraag stellen)

regelmatigwerkwoorden · set 4

Voorbeeldzinnen

Ich frage den Lehrer nach der Hausaufgabe.
Ik vraag de leraar naar het huiswerk.
Sie hat mich nach dem Weg gefragt.
Ze heeft mij naar de weg gevraagd.
Ich werde morgen meinen Chef fragen.
Ik zal morgen mijn baas vragen.

Vervoeging 5 tijden · goud is onregelmatig

tegenwoordige tijd (Präsens)voltooide tijd (Perfekt)gebiedende wijs (Imperativ)verleden tijd (Präteritum)
ichfragehabe gefragt—fragte
dufragsthast gefragtfragfragtest
er / sie / esfragthat gefragt—fragte
wirfragenhaben gefragt—fragten
ihrfragthabt gefragtfragtfragtet
sie / Siefragenhaben gefragtfragen Siefragten
voltooid deelwoord (Partizip II) gefragt

Onthoud fragen voorgoed. ripiti laat het woord terugkomen net voordat je het vergeet, met deze zinnen erbij. Gratis, zonder account, werkt offline.

oefen fragen in ripiti